Auteur: Remco

  • Projectrisico’s uitbannen bestaat vooral op papier

    Projectrisico’s uitbannen bestaat vooral op papier

    Het is iets wat mij is opgevallen en wat eigenlijk best vreemd is. In ons privéleven besteden we veel geld en tijd om risico’s uit te bannen en onszelf te beschermen. We installeren alarmsystemen, we laten het licht branden om inbraken te voorkomen, we brengen onze kinderen tot de voordeur van school en als we op reis gaan sluiten we een reisverzekering af. Er zou toch maar iets kunnen gebeuren. Maar op het moment dat we zakelijk aan projecten werken zijn we een stuk minder proactief om risico’s te voorkomen.

    Aandacht voor risico’s zakt weg

    Projectleiders maken bijna altijd wel een goede start bij een project: ze maken met het team een risicoanalyse. Maar anders wordt het als het project op stoom komt en zeker nadat de eerste ernstige issues opduiken. Deze issues slokken een groot deel van de tijd op; ze zijn namelijk urgent en belangrijk. Die tijd gaat ten koste van het vooruitkijken naar risico’s die zich mogelijk kunnen gaan voordoen. Risico-logboeken worden niet actief besproken of geanalyseerd. De te nemen maatregelen krijgen te weinig aandacht en er wordt onvoldoende onderzocht of er nieuwe risico’s in beeld komen. Met als gevolg dat projecten plotseling geblokkeerd worden, vertraging oplopen, of in het ergste geval compleet stilvallen omdat een risico is verworden tot een feitelijk probleem, oftewel een issue.

    Waarom risico’s onvoldoende aandacht krijgen tijdens projecten

    Een belangrijke reden heb ik al eerder genoemd, dat is namelijk vermeend tijdgebrek en onze voorkeur voor urgente zaken, die nu actueel zijn. Een andere menselijke factor is dat wij risico’s fors onderschatten. We zijn van nature te optimistisch. Daarnaast heeft het meestal geen persoonlijke consequenties als het misgaat met een project. Terwijl je in de privésituatie direct de pijn voelt als het misgaat, als bijvoorbeeld je huis is leeggeroofd. Bij projecten draait ‘de organisatie’ in veel gevallen op voor de gevolgen. Er zijn maar weinig projectleiders die hun biezen moesten pakken, omdat de deadline niet gehaald werd.

    Hoe omgaan met risico’s verbeteren?

    Hoe kun je ervoor zorgen dat projectrisico’s wel de juiste aandacht krijgen en niet alleen zijn vastgelegd? Dat is best een uitdagende vraag. Zelf kan ik deze vraag slechts gedeeltelijk beantwoorden. Daarom zullen we binnenkort een gesprek aangaan met één van de grootste experts op dit gebied in Nederland, Martin van Staveren. Ik ben erg benieuwd welk antwoord ik krijg op de vraag hoe je meer aandacht voor risicomanagement in je projectorganisatie krijgt.

    Mijn gedachten…

    Als projectmanager is het van belang dat je niet zelf alle risico’s gaat managen, maar dat je ‘eigenaren’ van de risico’s vindt. En dat je heel duidelijk met die eigenaren afspreekt dat zij geheel in de lead zijn om de risico’s te managen. Vraag blijft dan wel: hoe vind je de goede eigenaar? Daarvoor heeft Martin een zeer interessante aanpak ontwikkeld die we in het interview met hem zullen behandelen.

    Tot slot ben ik van mening dat het zinvol is om de risico- eigenaren zich te laten inspireren door hoe anderen succesvol met risico’s zijn omgegaan. Wellicht betekent dat dat we vaker successen zouden moeten vieren en delen.

    Wordt vervolgd.

    Remco Reitsma– ProjectReports – Tel: 06 – 53 24 77 43 – [email protected]

  • Een noodzakelijk veranderproces in de zorgsector

    Het was herfst 2018. De nieuwe voorzitter Raad van Bestuur bij De Zorggroep, Marc van Ooijen, laat een extern bureau een organisatiescan uitvoeren. Een harde conclusie volgt; de Zorggroep scoort laag als het om het uitvoeren van noodzakelijke veranderprocessen gaat. Nu, bijna drie jaar later, staat er een moderne zorgorganisatie die uitstekend met veranderingen weet om te gaan met als belangrijke accelerator een goed geoliede afdeling Project Management Ondersteuning. We gaan erover in gesprek met Thijs Baeten, manager PMO en (in de twee volgende blogs ook) Linda Op den Drink, portfolio medewerker.

    De urgentie van verandering

    Thijs vertelt dat de zorgsector in Nederland een dubbele uitdaging kent als het om vergrijzing gaat. Allereerst worden we gemiddeld ouder en lopen daardoor de kans om voor langere tijd zorg nodig te hebben. Ten tweede ontstaat er extra druk op handen die voor de zorgverlening, thuis en op zorglocaties, nodig zijn. Oudere zorgverleners verlaten namelijk zelf ook de arbeidsmarkt. Deze vergrijzing heeft ook invloed op het toenemende aantal projecten bij De Zorggroep. Wat doe je als grootste regionale zorgverlener nog zelf en wat vooral niet?

    Zorg verlenen betekent keuzes maken

    “We willen mensen steeds langer thuis laten wonen, maar daarvoor moet de focus vooral liggen op de verpleegkundige kant om dat ook mogelijk te maken. Waar vroeger de thuiszorgmedewerker ook schoonmaakwerkzaamheden deed, of zelfs boodschappen ging doen, worden al dit soort taken tegenwoordig steeds vaker aan externe samenwerkingspartners uitbesteed, legt Thijs uit. Hij is er trots op dat het bestuur de strategische keuze heeft gemaakt om niet in te zetten op het aannemen van extra capaciteit, maar de toenemende behoefte aan zorg vooral te organiseren met vitale kernen die er al zijn en daarnaast het principe van positieve gezondheid te omarmen en te praktiseren.



    Hoe het veranderproces begon

    Een “Quick Scan” eind 2018 leverde als resultaat op dat er meer dan 130 initiatieven waren, waarbij er talrijke uitdagingen geconstateerd werden. Opdrachten waren bijvoorbeeld niet duidelijk genoeg geformuleerd, collega’s kregen de rol van projectleider zonder opleiding of begeleiding en projecten werden onderschat op het gebied van tijd, geld en capaciteit. Soms werd er, met alle goede bedoelingen van dien, ook te veel gedaan zonder vooraf goed na te denken.

    Vier pijlers om veranderingsprojecten in de zorg beter te organiseren

    De PMO van De Zorggroep is erin geslaagd om het merendeel van de zorgprojecten tegenwoordig succesvol af te ronden. In onze volgende blog delen Thijs Baeten en zijn collega Linda Op den Drink hun kennis over de manier waarop zij dat aan de hand van de volgende vier belangrijke pijlers gedaan hebben: processen, governance, tooling en bemensing.

    Wordt vervolgd…

  • 4 pijlers om projecten in de zorg beter te organiseren

    In onze vorige blog beschreven we de noodzaak om projecten binnen de Zorggroep beter te organiseren. Deze keer vertellen Linda Op den Drink, portfolio medewerker en Thijs Baeten, manager PMO, welke vier pijlers hen geholpen hebben bij de oprichting van de PMO-organisatie. Daarbij komen ook een paar uitdagingen aan de orde die zij tijdens het veranderproces zijn tegengekomen.

    Pijler 1: Governance

    De Zorggroep levert zowel intramurale en extramurale zorg, wat een complex geheel oplevert van vele betrokkenen in de zorgverlening thuis, op afspraak, of in een zorginstelling. “Veranderingen beter organiseren betekent ook dat er besluiten genomen moeten worden waar een breed draagvlak voor bestaat. Van de vier pijlers was de governance de grootste uitdaging. Voor het verbeteren van gefundeerde en wetmatige besluitvorming hebben wij daarom zogenaamde ‘Regietafels’ ingericht. Daarin zijn naast een directielid (voorzitter), zorgmanagers en iemand van PMO, ook inhoudsdeskundigen vertegenwoordigd. Door maandelijkse afstemming wordt er kritischer gekeken en worden projecten zo nodig op tijd bijgestuurd”, vertelt Thijs.

    Pijler 2: Procesinrichting

    Voordat er aan welk project dan ook begonnen kan worden, moet de procesinrichting duidelijk zijn; het samenhangende geheel van mensen, middelen en afspraken die onderdeel uitmaken van een proces. “Er werd besloten om een afdeling PMO in te richten, waar ik als Portfoliomanager onderdeel van uitmaak, evenals een portfolio medewerker, een aantal projectleiders en vier beleidsadviseurs.” Linda vult aan: “Diverse processen zijn beschreven, bijvoorbeeld hoe nieuwe initiatiefvoorstellen moeten worden ingediend en hoe de voortgang van de projecten gerapporteerd moet worden.”

    Pijler 3: De menselijke factor

    De mens is volgens Thijs de belangrijkste factor om veel aandacht aan te geven. “Niet iedereen kan in hetzelfde tempo veranderen. Gedrag dat bijvoorbeeld een nadelige invloed heeft op de besluitvorming, moet worden tegengegaan”, verduidelijkt hij. Een belangrijke tip van Thijs is om gedrag niet te verbieden, maar om vooral in gesprek te gaan en soms ook compromissen te sluiten. Linda benadrukt hoe belangrijk het is om de voordelen te benoemen die opdrachtgevers ervaren als zij projecten via het PMO laten lopen.

    Pijler 4: De tooling

    Een belangrijke factor om veranderingen te regisseren en te monitoren is de tooling, o.a. de sjablonen. “Dat bleek in eerste instantie makkelijker gezegd dan gedaan”, aldus Linda. “De uitdaging is dat er genoeg PMO-processen op het internet te vinden zijn, maar dat deze lang niet altijd passen bij de werkzaamheden in de zorgsector. “Een sjabloon voor bijvoorbeeld een profit-organisatie is gericht op een business case en voor ons minder bruikbaar en nuttig. In eerste instantie hebben we daarom allerlei sjablonen in Microsoft Word en Excel ontwikkeld. “De Excel sheets werden steeds uitgebreider en een projecten dashboard werd in elkaar geknutseld…”, aldus Thijs.

    Maar ook dat probleem werd opgelost!

    Meer hierover in de volgende blog.

  • Met rapportages grip op alle zorgprojecten

    De Zorggroep maakte een noodzakelijk veranderproces door en slaagde erin om de organisatie van projectmanagement-ondersteuning te professionaliseren op basis van 4 pijlers. Dat beschreven we in gastblog 1 en 2. Maar er viel nog een belangrijke stap te maken; er moest uniformiteit komen in de projectrapportages en de dashboards van alle zorgprojecten om grip te krijgen en de voortgang van het geheel van projecten inzichtelijk te krijgen.

    Het belang van uniformiteit

    “Elk project zou altijd een afgeleide moeten zijn van de strategie. De RvB en managementleden prioriteren de verschillende projecten op waarde. Alleen kan een laatste project altijd ineens belangrijker lijken dan anderen”, vertelt Thijs Baeten, manager PMO. Daarom is het belangrijk dat de toegevoegde waarde van elk project en de voortgang op een gelijksoortige manier beschreven wordt.

    De oplossing

    De projectrapportages moesten eenduidiger worden voor iedereen. Thijs vertelt: “In eerste instantie waren diverse sjablonen in MS Word en Excel ontwikkeld, zoals een voortgangsrapportage in Word. Later is dat voortgangsrapportage sjabloon vervangen doordat de Zorggroep gebruik is gaan maken van ProjectReports. In ProjectReports was de voortgangsrapportage eenvoudig aan te passen aan ons eigen model.” Linda vertelt dat de eenvoud van de zogenaamde stoplichtrapportage van grote toegevoegde waarde is, omdat iedereen in een oogopslag ziet waar extra focus op moet zijn.

    “Nu ben ik in 20 minuten klaar met het opleveren van de rapportage voor de Regietafels. Er zit meer structuur in de projecten en onze projectleiders ervaren het als plezierig en waardevol om aan tussentijdse mijlpalen te werken”

    Linda Op den Drink – Portfolio medewerker PMO

    Positieve bijwerkingen

    Het complete verandertraject, dat we in drie gastblogs beschreven hebben, werd door Linda ook begeleid met nieuwsbrieven binnen de hele organisatie. Daarnaast is Linda trots op de maandelijkse ‘verbindingsbijeenkomsten’ die zij organiseert voor projectleiders van verschillende afdelingen. In deze bijeenkomsten bespreken projectleiders hoe ze verbeteringen kunnen realiseren. Thijs benadrukt dat hij trots is op zijn hele team en dat iedereen, ondanks een moeizaam corona jaar, gegroeid is in zijn of haar rol. Thijs en Linda zien al duidelijk de verbetering van de projectresultaten ten opzichte van de startsituatie twee jaar geleden.

    Concrete resultaten van het veranderproces

    • Een groter percentage van de projecten die via PMO lopen slaagt.
    • De projecten kunnen beter aan de strategie worden gekoppeld.
    • Proces en sjablonen zijn afgestemd op de zorg.
    • Door gebruik te maken van ProjectReports is de integraliteit verhoogd: standaardrapportages in een tool. Daardoor zijn de verschillende portfolio’s nu makkelijker en beter inzichtelijk.
    • De governance, de wijze van besturen, is nog beter geborgd.
    • Een betere besluitvorming, die genomen wordt op basis van uniforme rapportages.
    • Veel meer structuur, ‘de blauwe kant’ is op orde.
    • Mensen vervullen hun projectrollen beter.
    • PMO is geen ‘mystery afdeling’ meer, maar een afdeling die iedere betrokkene bij een project vooruithelpt.


    Dankwoord

    Namens ProjectReports willen we Linda Op den Drink en Thijs Baeten hartelijk danken voor het delen van hun ervaringen met hun professionaliseringsproces binnen De Zorggroep. Ook hopen we dat hun ervaringen met de vier pijlers van verandering, beschreven in gastblog 2, anderen inspireert.

    Heb je vragen over ProjectReports?

    Project Management Offices die ook structuur willen ervaren in hun project- en portfoliorapportages staan we natuurlijk graag te woord.

    Remco Reitsma– ProjectReports – Tel: 06 – 53 24 77 43 – [email protected]

  • Hoe volwassen plannen jouw agile teams?

    Volwassen zijn. Dat is zoiets als het bereiken van een zekere rijpheid of leeftijd. Maar het gaat ook over ervaring, bijvoorbeeld met het inschatten van werk: volwassen worden als agile team vergt dat je ook goed in staat bent het werk te plannen. Bij projecten gaat dat vaak in dikke plannen en gedetailleerde planningen met wel honderden activiteiten. Agile teams plannen heel anders. Maar zijn de resultaten nu echt beter voorspelbaar? Laten we eens kijken hoe dat plannen in de praktijk gaat.
    Met projecten gaat het ongeveer zo…Als het project wordt opgestart neemt de projectmanager zijn of haar schattingen van het werk en de benodigde capaciteit als basis voor het projectplan. Vaak geldt die inschatting voor de hele duur van het project en in het geval van langdurige projecten wordt vaak per projectfase een plan gemaakt. Tijdens het opstellen van het plan zijn er veel onzekerheden, we plannen immers vaak meer dan een jaar vooruit. Zoals algemeen bekend blijken al die schattingen in de praktijk nogal eens te optimistisch te zijn geweest. Met als gevolg dat een groot percentage van de projecten (zo’n zeventig procent) te laat wordt opgeleverd. “Even geduld alstublieft…”. Juiste schattingen van het werk en de benodigde capaciteit blijken bij projecten vaak in een puberale fase te blijven hangen.
    Met agile teams gaat schatten ongeveer zo …Agile teams doen niet aan lange termijn beloften. Kort voor de start van een zogenaamde sprint, die doorgaans twee of drie weken duurt, wordt een planning gemaakt: het team pakt de hoeveelheid werk op waarvan het team verwacht dat zij die in die sprint kan afmaken. Omdat het maar over 2 of 3 weken gaat zijn de omstandigheden en de beschikbare capaciteit beter bekend. Binnen organisaties die bijvoorbeeld met het SAFe scaling-model werken, plannen teams de capaciteit per kwartaal; het gaat om zogenoemde ‘epics’ of ‘features’. In die situatie wordt verder vooruit gepland om de stakeholders meer zicht te bieden op wat er in een kwartaal zal worden opgeleverd.
    De praktijk van de agile teamsAgile teams geven geen echt hard commitment voor het realiseren van al die epics en features in dat kwartaal. Als het niet lukt krijg je als stakeholder minder opgeleverd. De agile teams bepalen ook in het geval van die kwartaalplanningen nog steeds per sprint wat zij oppakken, uiteraard op basis van de prioriteiten die de Product Owner aangeeft. Aan het eind van het kwartaal blijkt wat er daadwerkelijk opgeleverd is. In de praktijk constateer ik echter dat teams aan het einde van het kwartaal regelmatig veel minder hebben opgeleverd dan zij hadden ‘aangenomen’. Met als gevolg teleurgestelde stakeholders. Wat zijn de meest voorkomende oorzaken dat het niet lukt?
    Uitdagingen om echte volwassenheid te bereikenDe wereld is niet perfect, ook de agile wereld niet. Het werk blijkt complexer dan tevoren ingeschat, mensen vertrekken onverwacht uit het team en het inwerken van nieuwe medewerkers duurt langer dan verwacht (soms wel zes tot negen maanden). Er is sprake van ‘zij-instroom’: werk dat aan het begin van het kwartaal niet gepland was. Of er zijn verstoringen van de applicaties die met hoge prioriteit moeten worden opgelost. Ook kan het reguliere onderhoud van het systeem meer tijd vergen dan verwacht; denk bijvoorbeeld aan de overgang naar nieuwe versies van de software of van de tools waar men mee werkt, met alle testwerkzaamheden die daarbij komen kijken. En dan is er natuurlijk ook nog tijd nodig voor trainingen en voor zaken als vakgroep- en afdelingsbijeenkomsten.
    Stel de vraag aan Product Owners hoeveel uren de teamleden nodig hebben voor hun reguliere werkzaamheden, bijvoorbeeld op het gebied van beheer, opleidingen en andere bijeenkomsten. Minder volwassen teams kunnen daar niet direct antwoord op geven. Hoe kan je dan de beschikbare capaciteit voor alle veranderactiviteiten inschatten? Goed zicht op al het werk, ook die andere activiteiten, is echt nodig om een volwassen team te worden.
    Tips om volwassenheid in verandertrajecten te bereikenGoed leren en continu verbeteren is heel erg agile, dus daarom heb ik de volgende 3 tips:
    1. Durf verder vooruit te kijken, dat voorkomt veel verrassingen. Probeer als Product Owner een roadmap voor het komende jaar te maken. Aanpassen kan altijd. (Teams blijven flexibel).
    2. Laat Product Owners elk kwartaal, voorafgaand aan de planning sessie met hun team, vaststellen hoeveel tijd er nodig is voor alle andere activiteiten, zoals opleidingen, vergaderen en vooral de beheerwerkzaamheden. (Fundamenten moeten er altijd zijn en mogen niet verzwakken)
    3. Laat Product Owners met hun teams na ieder kwartaal ook hun inzichten bespreken hoe de verhouding tussen beheer en ontwikkeling daadwerkelijk is geweest en wat dat voor de komende periode betekent. (Continue leren en planningen bijstellen)
    Voordeel voor de teams is dat een beter zicht op de beschikbare ruimte voorkomt dat ze te veel hooi op hun vork nemen. Dat voorkomt weer teleurstellingen bij hun stakeholders en maakt de beschikbare capaciteit transparant; dat is toch heel agile.
    Kinderlijk eenvoudig toch, of niet..?
    Is jouw projectorganisatie onvolwassen, groeiende of volwassen?Ik ben benieuwd tegen welke uitdagingen jij in jouw organisatie aanloopt. Graag ga ik erover in gesprek om van elkaar te leren.
    Remco Reitsma– ProjectReports – Tel: 06 – 53 24 77 43 – [email protected]

  • Gokken in grote organisaties zorgt voor onrust

    Een opvallende titel wellicht, maar ik constateer dat er in grote organisaties helaas veel gegokt wordt. Gelukkig heb ik het hier niet over een vervelende verslaving, maar over gesprekken waar duidelijke antwoorden schuldig blijven. Directieleden worden er onrustig van en betrokken managers en projectleden ook. Dat vraagt om enige uitleg… (spoiler alert: het gaat over portfoliomanagement).


    Een voorbeeld

    Stel dat je in een grote zorginstelling, waar honderden mensen op allerlei afdelingen werkzaam zijn, zou vragen hoeveel projecten er zijn, dan krijg je hoogstwaarschijnlijk verschillende antwoorden. De ene manager denkt vijftig, een andere vermoedt zeventig en weer aan andere zegt “misschien wel meer dan honderd.” Vreemd toch dat men niet weet hoeveel projecten er zijn en moet gokken?


    De gevolgen van gokken

    Bovenstaand voorbeeld is super inefficiënt. Er kunnen doublures door ontstaan; binnen de organisatie zijn afdelingen met gelijksoortige projecten bezig, zonder dat de afdelingsleiders dit van elkaar weten. Het hebben van doublures betekent dat er geld en kostbare tijd verspild wordt. Bovendien kan je door het bundelen van activiteiten ongetwijfeld nog meer kosten besparen, bijvoorbeeld korting bij leveranciers krijgen. Capaciteitsplanningen worden onmogelijk als het complete beeld ontbreekt. Jouw veronderstelling dat er voor jouw nieuwe project mensen beschikbaar zullen zijn blijkt opeens onterecht, met als gevolg dat jouw project niet op tijd kan starten.


    Overzicht + inzicht = rust!

    Met deze simpele stelling begin ik veel klantgesprekken. De uitdaging is dat er binnen veel organisaties steeds meer projecten en ‘projectmethoden’ (denk aan waterval en agile) aanwezig zijn, waardoor er onrust ontstaat: managers hebben niet meer het gevoel ‘in control’ te zijn; en dingen gaan ook echt mis. Soms denk ik dat we het allemaal te complex maken. De twee basisvragen van de directie zijn doorgaans: ‘Krijgen we wat is afgesproken op tijd?’ en ‘Blijven we binnen budget?’

    Het begint allemaal met een projectenoverzicht, een super-simpel lijstje met alle projecten. In het begin met weinig informatie over die projecten, maar dat geeft niet; dat lijstje ga je steeds verder aanvullen. Start eens met alleen projectnaam, doel van het project, naam opdrachtgever en naam projectleider. Daarna ga je meer info verzamelen, zoals einddatum, budget en prognose. Op een gegeven moment kan je starten met de status van die projecten (groen-geel-rood) te verzamelen en daar regelmaat in te brengen. Stap voor stap de informatie verrijken. Zo ontstaat steeds meer inzicht: welk project heeft aandacht nodig? Als een aantal van die stappen succesvol worden gezet ontstaat het gevoel van rust bij management.


    Rust in je hoofd faciliteren

    Zeker weten is veel beter dan gokken. Hoe je die stappen van overzicht via inzicht naar rust heel eenvoudig kan zetten en hoe ProjectReports daarbij vanaf een bepaald punt kan ondersteunen, leg ik graag persoonlijk aan je uit.

    Steeds meer directieleden, portfoliomanagers, PMO’ers en projectleiders volgen onze LinkedIn pagina om zich tussentijds te laten informeren. Volg ons ook. Regelmatig organiseren we webinars over onze software voor Project- & Portfoliomanagement, binnenkort specifiek voor de zorgsector.

    Wil je ons ook volgen en bijvoorbeeld eens een webinar bijwonen? Klik dan hier.

    Remco Reitsma– ProjectReports – Tel: 06 – 53 24 77 43 – [email protected]

  • De ideale wereld: “Hoe mooi zou het zijn als…”

    In sommige werelddelen staat de wereld letterlijk in brand. Dagelijks horen we over oorlogen, klimaatverandering, natuurrampen en nog veel meer ellende. Daarvoor mogen we onze ogen niet sluiten. Sterker nog, ik geloof dat ieder individu invloed heeft op een idealere en betere wereld. Vandaar dat ik deze keer besloten heb om buiten de bestaande kaders te denken en eens wat positiviteit in te brengen.

    Hoe mooi zou het zijn als…
    … afspraken worden nagekomen en niet alleen genoteerd; … we het met elkaar eens zouden zijn, zodat er niet gestreden hoeft te worden; … beloftes en toezeggingen altijd worden uitgevoerd; … dat ‘We gaan er iets aan doen’ niet zou bestaan, omdat het al gedaan is; … dat ‘het gekozen beleid’ in elke vergaderkamer hetzelfde zou betekenen; … ‘zeggen’ bijna altijd ‘doen’ betekent.

    Prachtig toch?

    De realiteit
    Helaas is de realiteit anders, omdat we mensen zijn. Het ‘bewust kunnen denken’ kent ook negatieve bijwerkingen. Ik heb er een aantal voor je opgeschreven:

    • Er bestaan enorm veel nepberichten die de waarheid vervagen. De ‘echte’ waarheid is dat we steeds minder weten wat waar is.
    • ‘Hoogste prioriteit’ betekent in de uitvoering vaak langdurige gesprekken, het onvermogen om besluiten te nemen, of de onwil om zelf actie te nemen. Zodat het ineens te laat kan zijn.
    • Iedereen is het ergens mee eens, totdat het plotseling persoonlijk niet goed uitkomt. Meer windmolens vinden we allemaal heel goed, maar niet in jouw achtertuin.
    • Organisaties communiceren trots dat zij maatschappelijk verantwoord ondernemen, terwijl de salarissen en aanvullende bonussen van topbestuurders de pan uit rijzen.
    • We zeggen onderdeel te zijn van ‘de westerse maatschappij’, maar bondgenoten laten elkaar steeds vaker vallen, of zelfs volledig in de steek.

    Is er een remedie?
    Dit soort menselijk gedrag komt overal voor; in de politiek tijdens de kabinetsformatie, een vergadering in het bedrijfsleven, maar ook in privésituaties. Mijn persoonlijke conclusie is dat we er allemaal niet beter van worden. Een remedie, zie het als een wens, is dat we elkaar op ons gedrag blijven aanspreken. Gewoon omdat wij dat in een democratie gelukkig kunnen en er vanuit de dialoog mooie dingen ontstaan.

    Net iets vaker er aan denken dat ‘afspraak is afspraak’ van grote waarde is helpt ook. Anders heeft het ook geen zin om structuur aan te brengen, iets voor een ander vast te leggen, te beschrijven of om actie te vragen.

    Hoe ziet voor jou een ideale wereld eruit?

    Remco Reitsma– ProjectReports – Tel: 06 – 53 24 77 43 – [email protected]

  • 3 redenen om jouw projectmanager uit te dagen

    In de vorige blog bespraken we dat het voor opdrachtgevers en stuurgroepleden belangrijk is om besluiten te nemen. Besluiteloosheid kan immers tot hoge extra kosten leiden en de opleverdatum van een project in gevaar brengen. Tegelijkertijd zijn er ook redenen om niet overal gelijk ‘ja’ op te zeggen en jouw projectmanager uit te blijven dagen.

    Reden 1: Zelfoverschatting van de projectmanager

    Je (her)kent ongetwijfeld wel de projectmanager die zichzelf steeds overschat en stellig verklaart dat het allemaal wel gaat lukken. Die projectmanager spiegelt bewust een werkelijkheid voor die niet overeenkomt met de realiteit. Daardoor kunnen ‘no worries’ wat later gedurende het project toch nog ernstige zorgen opleveren. Als je wilt weten hoe je omgaat met ‘de alles voor elkaar krijgers’, lees dan deze blog nog eens. In het geval je ook zelf nog eens een rasoptimist bent is het extra opletten geblazen.

    Reden 2: De projectmanager is zich niet overal van bewust

    Projectmanagers uitdagen doe je als opdrachtgever natuurlijk ook omdat er onderwerpen zijn die jij beter kent en waarvan jij de context beter begrijpt. Zo zal jij bijvoorbeeld de cultuur van de organisatie en de behoeften van de toekomstige gebruikers beter begrijpen dan een extern ingehuurde projectmanager. In deze situatie gaat het er vooral om dat je als opdrachtgever kritische vragen stelt, adviseert en eventueel een aantal zaken controleert. Samen vul je elkaar aan. Op onze pagina voor opdrachtgevers lees je welke kritische vragen je kan stellen.

    Reden 3: tegengas zorgt voor een beter eindresultaat

    Projecten uitvoeren is en blijft mensenwerk. Stel dat je nooit uitgedaagd zou worden, dan zou het leven behoorlijk saai zijn. Van “Wat ben ik toch perfect” profiteren volgens mij alleen narcisten. Iemand die je uitdaagt doet dat, in de meeste gevallen, om jou vooruit te helpen. Als je er zo naar kijkt zie je tegengas niet als een persoonlijk aanval, maar als kans voor iedereen die bij het project betrokken is.

    “TEAM: Together Everyone Achieves More” is net zoiets als het bekende “1 + 1 = 3”

    Veel succes met uitdagen!

    Remco Reitsma– ProjectReports – Tel: 06 – 53 24 77 43 – [email protected]

  • En… lees jij als opdrachtgever ook elke dag de krant?

    Er was eens een onbezorgde manager. Zo begint dit waargebeurde verhaal. Hij was een enorme inspiratiebron voor mij en ik denk nog vaak aan hem terug. Het was iemand die knopen durfde door te hakken. Hoe ingewikkeld de case ook was, binnen een paar minuten nam hij een besluit. Hij had een prachtig en onbezorgd leven. Zijn kantoor lag recht tegenover de lift, zijn deur stond altijd open en hij las iedere dag uitgebreid de krant. Ben jij ook zo’n opdrachtgever? Of…

    Het besluiteloze type

    Projectmanagers hebben nog wel eens met deze persoon te maken. Plotseling lopen zij tegen een probleem aan waar zij zelf geen oplossing voor kunnen realiseren, ze hebben een besluit van de opdrachtgever of een ander lid van de stuurgroep nodig. Bij besluiteloze types ontstaat dan vaak een probleem. Zo heb ik eens meegemaakt dat een projectmanager een afdeling moest vinden die een nieuwe taak op zich zou nemen. Die taak vergde slechts vijf uur per week. De projectmanager heeft gedurende meer dan een half jaar discussies gevoerd met twee afdelingsmanagers die er maar niet uitkwamen wie de taak op zich zou nemen (beide afdelingen hadden meer dan honderd medewerkers). Verspilling van de uren van de projectmanager en de afdelingsmanagers met vertraging als gevolg. Ik ben van mening dat als ze het organisatiebelang voorop hadden gesteld het besluit veel sneller was genomen. In dit geval was tientallen uren duur praten om vijf uur werk per week te verdelen geen logische maar een kostbare beslissing. Adequate besluitvorming blijft lastig voor sommige managers.

    Meestal worden in projecten besluiten genomen met veel grotere consequenties. Besluiteloze types kunnen verantwoordelijk zijn voor enorme kostenposten: een maand vertraging van een project kost al snel tienduizenden tot honderdduizenden euro’s. De besluiteloze manager moet er nog een keer over praten of wil nog een extra analyse of onderzoek. Je herkent het misschien wel.

    De knopenhakkers

    Dit zijn opdrachtgevers die razendsnel reageren en besluiten nemen. Honderd procent zekerheid, daar geloven zij niet in. Vaak bereiken zij uitstekende resultaten, omdat zij gedurende een project van fouten of plotselinge uitdagingen (durven te) leren. Mijn eerder genoemde inspiratiebron was ook zo iemand; hij vertrouwde zijn mensen, maar had hij ook dat unieke ‘fingerspitzengefühl’ waarmee hij wist wanneer hij op informatie kon vertrouwen.

    Wanneer je wel of niet de krant kunt lezen?

    Opdrachtgevers of stuurgroepleden die lang over een besluit moeten nadenken of de projectmanager opnieuw huiswerk geven, doen dat sneller als er sprake is van een afrekencultuur; ze zijn bang persoonlijk afgerekend te worden voor een beslissing die verkeerd uitpakt. Lekker de krant lezen lukt dan niet. Helaas is cultuur ook niet eenvoudig te veranderen.

    Je kunt wel vaker de krant lezen als je de consequenties van besluiteloosheid inziet en je je eigen besluitvaardigheid gaat ontwikkelen. Snel beslissen levert ruimte in je agenda op en tevreden projectmanagers. Niet beslissen betekent dat je steeds opnieuw gestoord wordt door projectmanagers die met smart op een antwoord wachten…

    In de volgende blog

    De volgende keer bespreken we dat je als opdrachtgever jouw projectmanagers natuurlijk best mag challengen. Of zullen we het ‘uitdagen’ noemen?

    Remco Reitsma – ProjectReports – Tel: 06 – 53 24 77 43 – [email protected]

  • Wie beslist er over de projecten? Deze aanpak werkt voor mij…

    Vrijwel altijd hoor ik dat het directieteam of de portfolioboard besluit welke projecten volgend jaar gedaan zullen worden. Besluiten is goed, maar hoe staat het dan met het betrekken van de rest van de organisatie bij deze besluitvorming? Het is al een tijdje geleden dat het boek Wisdom of Crowds verscheen. Daar is uiteindelijk best veel commentaar op gekomen, maar zelf ben ik ervan overtuigd dat het betrekken van collega’s uit diverse onderdelen van de organisatie bij het maken van projectkeuzes meerwaarde oplevert.

    Deze aanpak pas ik zelf in de praktijk toe:

    Zorg voor een gelijk format van alle projecten

    Een belangrijke eerste stap is dat alle projectvoorstellen, voorafgaand aan welk keuzemoment dan ook, in een gelijk format worden gegoten. Een uniform format is de enige manier om projecten onderling goed te kunnen vergelijken. Probeer dat format beknopt te houden; dat is nog wel eens een uitdaging, omdat iedere expertise wel iets in dat format wil opnemen met als argument dat ze anders te laat betrokken worden als die projecten uitgevoerd worden. Maar het tijdig betrekken van een expertise kan je ook op een andere manier regelen, bijvoorbeeld door daarvoor een stap op te nemen in het projectmanagement proces.

    Stel een team stakeholders samen

    De beste besluiten worden genomen als de directie of portfolioboard ook de mening van anderen bij de besluitvorming meeweegt. Daarom stel ik in het voortraject een groep stakeholders samen waarin een zo breed mogelijke vertegenwoordiging van de organisatie deelneemt. Deze groep laat ik de business waarde van de projectvoorstellen scoren. Hoe je business waarde vaststelt verschilt per organisatie. Je kan bijvoorbeeld onderscheid maken tussen waarde voor de klant en waarde voor de organisatie.

    Gebruik eenvoudige score modellen

    Ik gebruik graag vijf sterren om de business waarde van projectvoorstellen te laten scoren. De scores blijven natuurlijk subjectief, maar het is wel handig om richtlijnen mee te geven die duidelijk maken wanneer een score 0, 1, 2, 3, 4 of 5 sterren zou moeten zijn. Anders kan er alsnog ruis ontstaan door afwijkende interpretaties. Hou die richtlijnen wel zo simpel mogelijk. Denk bijvoorbeeld aan aantallen klanten of processen die door het project worden geraakt en de impact daarvan op bijvoorbeeld omzet of kosten. Een boeiend onderwerp dat zich er zeker voor leent om een aparte blog over te schrijven. Wie weet.

    Maak gebruik van beschikbare digitale tools

    Gelukkig is het tegenwoordig eenvoudig om collega’s bij keuzemomenten voor projecten ook digitaal te laten participeren. Dat kan met gebruikmaking van enquête-software en soms kan het ook met het intranet en portfoliomanagement-software. Zorg er voor dat de uitslagen altijd anoniem blijven, maar dat het wel mogelijk is om bij de scorings-resultaten eventuele verschillen tussen functies en managementniveaus te kunnen herkennen. Die verschillen kunnen interessante inzichten geven die de directie of portfolioboard weer kan meewegen bij de besluitvorming.

    Mijn ervaring is dat mensen graag willen participeren en het interessant vinden om de juiste projectvoorstellen voor de organisatie te kiezen. Door een goede mix van mensen van verschillende afdelingen de projectvoorstellen tevoren te laten scoren vergroot je de kans dat het juiste portfolio wordt samengesteld.

    Ik ben benieuwd naar jouw ervaringen met het scoren van projectvoorstellen.

    Remco Reitsma– ProjectReports – Tel: 06 – 53 24 77 43 – [email protected]